<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Ik en mijn Lada &#187; Creatief</title>
	<atom:link href="http://www.ikenmijnlada.com/wp/category/creatief/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp</link>
	<description>De homepage van Klaus Gena</description>
	<lastBuildDate>Thu, 26 Jan 2012 21:20:07 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.5.1</generator>
		<item>
		<title>Nationale gedichtendag</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2012/01/26/nationale-gedichtendag/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2012/01/26/nationale-gedichtendag/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 26 Jan 2012 21:20:07 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=711</guid>
		<description><![CDATA[Waasland shopping center by klausgena Op de valreep: mijn bijdrage aan de nationale gedichtendag. Bedankt, Peewee, voor de sound!]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><object height="81" width="100%"><param name="movie" value="https://player.soundcloud.com/player.swf?url=http%3A%2F%2Fapi.soundcloud.com%2Ftracks%2F34634300&amp;show_comments=true&amp;auto_play=false&amp;color=f492c5"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param> <embed allowscriptaccess="always" height="81" src="https://player.soundcloud.com/player.swf?url=http%3A%2F%2Fapi.soundcloud.com%2Ftracks%2F34634300&amp;show_comments=true&amp;auto_play=false&amp;color=f492c5" type="application/x-shockwave-flash" width="100%"></embed></object>   <span><a href="http://soundcloud.com/klausgena/waasland-shopping-center">Waasland shopping center</a> by <a href="http://soundcloud.com/klausgena">klausgena</a></span></p>
<p>Op de valreep: mijn bijdrage aan de nationale gedichtendag. Bedankt, <a href="http://soundcloud.com/peewee-gonzoid">Peewee</a>, voor de sound!</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2012/01/26/nationale-gedichtendag/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Computerles</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2012/01/24/computerles/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2012/01/24/computerles/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 24 Jan 2012 15:06:50 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>
		<category><![CDATA[Verhaal]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=702</guid>
		<description><![CDATA[Een teken van leven&#8230; Wat kon Zinovij daarop zeggen? Hij moest er wel een idee van hebben gehad wat voor een buurman er woonde op zijn verdieping en wat de mogelijke gevolgen waren van een weigering. Hij knikte dus bedachtzaam en liep me voor, schuifelend de gang in op zijn versleten slippers, langs rijen met [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Een teken van leven&#8230;</p>
<p></p>
<p>Op een dag stond hij voor me.</p>
<p>Toen ik Zinovij leerde kennen, had ik iets tegen andersdenkenden, net zoals de rest van mijn collega&#8217;s. Achteraf gezien begreep ik dat we er bang van waren, hoe vreemd dat ook mag klinken. Wij, getrainde spierbundels in kevlar harnassen, tot op de tand gewapend en op demonstraties meestal in grotere getale dan de demonstranten zelf, dat zootje ongeregeld in uitgerafelde zelfgebreide truien, blote tenen in sandalen en frêle brilletjes, dat maar geen slagorde kon vormen omdat ze het onderling niet eens konden raken over wie de leider moest zijn, wij moesten onszelf voor elke opdracht moed inspreken en elkaar ophitsen met allerlei woorden vol haat en weerzin om die angst te overwinnen, de angst dat we besmet zouden raken met het virus van de twijfel, de angst dat het onze hersenen zou binnensijpelen met een mooie beeldspraak.</p>
<p>Ik stond dus nerveus in zijn deurgat, voelde me naakt zonder mijn harnas, zonder mijn collega&#8217;s naast me, in mijn gedachten pakte ik mijn schild en sloeg er ritmisch op met mijn matrak, ondertussen stampend met mijn voeten, als om de boze geesten te verjagen. Op een gespeeld onbezorgde toon stelde ik hem de vraag of hij mij niet wilde leren werken met de computer, zodat ik beter mijn vaderland kon dienen. Dat was ongeveer de toedracht en zo had de kolonel me gezegd dat ik de vraag moest stellen. Geen zwakte tonen, er een positieve draai aan geven.</p>
<p></p>
<p><span id="more-702"></span></p>
<p>Wat kon Zinovij daarop zeggen? Hij moest er wel een idee van hebben gehad wat voor een buurman er woonde op zijn verdieping en wat de mogelijke gevolgen waren van een weigering. Hij knikte dus bedachtzaam en liep me voor, schuifelend de gang in op zijn versleten slippers, langs rijen met boekenkasten en dozen vol drukwerk, waarvan ik besloot te doen alsof ik ze niet gezien had. Dat was mijn eerste fout. Wel, nu beschouw ik dat niet als een fout, maar toen wel.</p>
<p>Ik had toen trouwens niet veel keus. Ik kon die berg papierwerk niet meer aan. &#8216;s Nachts kon ik er niet van slapen. Mijn collega&#8217;s lachten me uit. Voor hen was het natuurlijk gemakkelijk. Zij waren van de computergeneratie. Ik was van de kleurentelevisiegeneratie. Maar Zinovij lachte me helemaal niet uit. Hij leek het absoluut normaal te vinden dat ik niks van computers wist en legde me met engelengemak uit waar al die knopjes voor dienden, zoals escape, enter en de backspace-toets.</p>
<p>Zinovij’s gedachten hadden wel de gevaarlijke neiging af te wijken van het onderwerp. Om de haverklap begon hij over onze leiders, de alomvattende corruptie en de politiestaat waarin we leefden. Met dat laatste kon ik overigens alleen maar akkoord gaan. We leefden in een politiestaat en dat was maar goed ook, kwam me zo voor. Hij had het ook over hoe de regering moest worden omvergeworpen en er een anarchistische samenlevingsvorm met ruilhandel en nudisme op poten moest worden gezet. Daar was ik het minder mee eens.</p>
<p>Maar ik probeerde niet te luisteren naar deze gevaarlijke redevoeringen en concentreerde me op het werk met de computer, hoewel Zinovij’s gejengel me in de war bracht. Eigenlijk had ik hem moeten aangeven. Maar hij was drie keer goedkoper dan alle andere computerleraars die ik had opgebeld.</p>
<p>Na de les verliet ik telkens zijn appartement met het gevoel dat ik iets hopeloos verkeerds had gedaan en liep ik enkele dagen lang prikkelbaar en slecht gezind rond. Mijn vrouw merkte op dat ik minder spraakzaam en joviaal was na de lessen en probeerde me te overtuigen de brui eraan te geven. ‘Je hebt toch helemaal geen computer nodig om je werk goed te doen,’ zei ze. ‘Leg dat maar uit aan de kolonel,’ zei ik. Maar het was niet alleen de kolonel die me de lessen deed volgen, ik voelde ondertussen een vreemde aantrekkingskracht. Zinovij had zijn zaadje geplant, zoals dat zo mooi gezegd wordt in de film Inception met Leonardo Di Caprio, waar hij een blauwe sweater draagt die mijn schoonbroer per se op de kop wilde tikken.</p>
<p>Ik bleef dus naar mijn les gaan, elke donderdag stipt om zeven uur ‘s avonds. De praatjes van Zinovij was ik ondertussen gewoon. Hier en daar ontdekte ik zelfs een greintje waarheid en begon ik zaken van verschillende kanten te bekijken. Ik begon aandachtiger naar hem te luisteren. Dat was per slot van rekening interessanter dan de zoutloze pap die we op televisie en radio voorgeschoteld kregen. Zinovij opende onbekende delen van mijn hersenen. Ik begon te smachten naar zijn gezelschap, net als naar de omelet uit tien scharreleieren die mijn vrouw me elke ochtend bakte. Zonder dat voelde ik me stikken. Want mijn collega&#8217;s, echte bullebakken, praatten enkel over tieten, achterwerken, lange piemels, carburators, velgen, laagprofielbanden, homoseksuelen en voetbal.</p>
<p>Niemand vermoedde, zelfs ik niet, dat ik een intellectueel gesprek kon voeren. Iedereen dacht dat ik alleen hard kon meppen (wat zeker en vast het geval was). Dat ik sterk was en een karrewiel op mijn rug van het ene dorp naar het andere kon dragen zonder het één keer op de grond te zetten. Ik was een latent intellectueel. Een beul met een hart.</p>
<p>Maar werk en vrije tijd hield ik vooralsnog strikt gescheiden. Want wanneer de demonstranten op straat stonden en met borden begonnen zwaaien met allerlei slogans op, dan ging mijn bloed koken en verloor ik alle controle over mijzelf. Ik stond daar dan met mijn schild en mijn helm en mijn matrak en voelde me als een stier die de arena in moest onder luid gejoel van de toeschouwers, klaar om hamok te maken.</p>
<p>Ik dacht dat ik zo zou kunnen blijven leven en twee levens tegelijkertijd leiden, dat mijn zwakheid geheim zou blijven voor mijn collega’s en Zinovij niet te weten zou komen waar ik me werkelijk mee bezighield.</p>
<p>Op een dag viel mijn oog tijdens een demonstratie op het volgende plakaat: ‘Weg met iedereen!’ Ik isoleerde het en ging er achteraan. Met mijn matrak hakte ik me een weg door de demonstranten, als met een machete door de jungle, tot bij het plakaat, dat het bloed in mijn ogen deed lopen van woede. Ik hamerde, stampte, mepte, trommelde op het wollen truitje, de versleten kostuumbroek en sandalen met witte sportsokken &#8211; de bril was al lang de grond op gekletterd en had ik verbrijzeld onder mijn zwarte zolen &#8211; en diende de genadeslag toe aan het ondertussen op de grond gezegen lichaam dat met zijn handen zijn hoofd probeerde te beschermen.</p>
<p>En toen herkende Ik Zinovij’s horloge. Ik had er de dag voordien ook al naar zitten kijken toen hij thee aan het drinken was: het was een jongenshorloge met Mickey Mouse op het wijzerblad afgebeeld. Mickey’s linkeroor wees de minuten aan en zijn rechteroor de seconden. Ik had dat nogal ridicuul gevonden, omdat de oren zo groot waren dat je onmogelijk de tijd correct kon lezen. Je moest altijd uitgaan van een foutmarge van een kwartier. Alleen om twaalf uur, wanneer de oren elkaar overlapten, kon je zeker zijn van de juiste tijd. En om half zes was Mickey helemaal kaal! Ik had gevraagd aan Zinovij of hij dat normaal vond, maar die had gewoon geantwoord dat het inderdaad zo hoorde.</p>
<p>Het glas van het horloge was gebarsten en de oren hingen droevig aan weerskanten van Mickey’s hoofd (het was twintig voor vijf). Ik voelde het bloed uit mijn hoofd wegtrekken. Ik bukte me over Zinovij, draaide hem om en haalde zijn armen weg van zijn gezicht. Zijn gelaatsuitdrukking was er één van pijn, verstild als op een masker. Ik probeerde zijn polsslag, maar daar had ik maar weinig kaas van gegeten. Ik sleepte hem tot achter onze manschappen en riep er onze dokter bij.</p>
<p>Zinovij was er erg aan toe. Ik had ongeveer al zijn botten gebroken. Hij moest minstens twee weken in intensive care doorbrengen.</p>
<p>Ook ik raapte de vruchten van mijn gedrag en verloor enkele graden door mijn professionele misstap. Ik had de strijdorde verlaten, waardoor er chaos was ontstaan en een bende gezochte politieke activisten uit de mazen van het net waren geglipt. De komende jaren moest ik niet meer rekenen op promotie.</p>
<p>Tijdens deze genoodzaakte onderbreking van mijn dagelijkse gesprekken met Zinovij vulde ik de ontstane leegte met overpeinzingen. Ik ontdekte talrijke fouten in het systeem, die me vroeger niet raakten of die ik als een noodzakelijk kwaad beschouwde. Ik dacht na over dingen die ik vroeger niet in vraag durfde te stellen. Ik kwam voor mijn mening uit tegen mijn collega’s, die me begonnen te mijden als de pest. Tijdens demonstraties ging ik voortaan achteraan staan om geen meppen meer te hoeven uitdelen.</p>
<p>Toen twee ambulanciers Zinovij eindelijk terugbrachten naar zijn appartement, van kop tot teen in het gips gewikkeld, sprong ik een gat in de lucht. Zinovij, die niemand had om voor hem te zorgen, zou mijn hulp best kunnen gebruiken.</p>
<p>En ik had heel wat goed te maken. Ik vroeg een maand verlof aan de kolonel, om te kunnen zorgen voor Zinovij.</p>
<p>In het begin beperkte mijn hulp zich tot het voederen met lepeltje en servetje, het afvegen van lippen en wangen wanneer hij gemorst had en ondersteuning bij het pissen en schijten. Hoewel Zinovij niet kon spreken, merkte ik al gauw dat hij zich verveelde. Ik begon zijn appartement te doorzoeken naar iets waar ik hem mee kon vermaken, in afwachting van de goede gesprekken die ik met hem zou hebben. Misschien zouden we samen wel op ideeën komen om de wereld te redden of konden we iets gewaagds ondernemen!</p>
<p>Ik ontdekte Zinovij&#8217;s bibliotheek. Hij had boeken waarvan ik het bestaan niet eens vermoedde. Op goed geluk pikte ik een boek uit de kast en besloot Zinovy voor te lezen. Dat deed ik een aantal weken lang, tot Zinovij zich stilaan beter begon te voelen, al recht kon staan en zijn eerste woordjes zeggen, ondanks de kaakbreuk en de helft van zijn tong die hij had afgebeten.</p>
<p>Zinovij’s eerste woorden waren geen woorden van dankbaarheid, zoals ik misschien ergens had verwacht, alhoewel ik helemaal geen dankbaarheid behoefde.</p>
<p>&#8216;I-ei-ee-a-e-sj!&#8217; zei Zinovij, wiebelend met zijn tenen, die van onder het laken uitstaken.</p>
<p>Zinovij’s teennagels waren ontzettend lang. Ze krulden naar boven als de gebolde spinakkerzeilen van een vloot miniatuurzeilboten.</p>
<p>Met liefde zette ik me aan het werk. Ik genoot van de momenten dat ik dienstbaar kon zijn en mijn schuld kon afkopen bij dit slachtoffer van zinloos geweld. Alhoewel mijn handen getraind waren voor andere, meer hardhandige taken, kon ik uitstekend overweg met het nagelvijltje en -knippertje.</p>
<p>Ik had net een boekje gelezen over Florence Nightingale en hoe zij ook plots haar roeping had gevonden en de soldaten ging genezen in de vochtige loopgraven. Misschien had ik ook een roeping?</p>
<p>Het was niet duidelijk of Zinovij tevreden was met zijn behandeling, maar dat was bijzaak voor mij. Daarvoor deed ik het niet. Teen- en voetverzorging leken me in het bloed te zitten. Zinovij had bovendien erg mooie voeten: klein, met fijne teentjes.</p>
<p>Ik had al een zwak voor tenen toen ik nog dienst deed bij die bullebakken van de oproerpolitie. Dat merkte ik telkens ik met mijn collega&#8217;s in de douchekamer stond na de trainingen of na een demonstratie. We waren dan allemaal nog dampend heet van de adrenaline en het bloed dat door onze slagaders pompte; enkel de douche bracht ons weer enigszins tot kalmte. Onder de douche bestudeerde ik de tenen van mijn collega&#8217;s. Soms richtte ik mijn blik omhoog om te kijken wat daar schuilging tussen dat bosje weerbarstig haar, maar meestal wendde ik mijn blik af van zodra ik me hiervan bewust werd. De voeten van mijn collega&#8217;s hadden allerhande vormen. Ze waren groot, klein, lang en breed. Maar allemaal waren ze knoestig en aggressief, als de boven de grond uitstekende wortels van een oude boom.</p>
<p>Ik legde me verder toe op de verzorging van Zinovij, die zich dat liet welgevallen. Op een dag zei ik hem dat ik bij hem wilde blijven, ook nadat hij genezen was.</p>
<p>‘Het is allemaal goed wat je doet,’ antwoordde Zinovy, ‘en ik vergeef je wat je me hebt aangedaan. Het is niet jouw schuld, maar die van de maatschappij, die je zo heeft gemaakt. Maar dit kan echt niet blijven duren. Van zodra ik genezen ben, moet jij terug aan het werk, want ik wil je leven niet kapot maken. Jij hebt een vrouw die op je wacht, en op je werk zullen ze zich al afvragen waar je blijft.’</p>
<p>Ik probeerde Zinovij’s mening te respecteren. Van zodra hij genezen was, keerde ik terug naar mijn appartementje. Maar naar mijn werk keerde ik niet meer terug. Ik gaf mijn ontslag en kocht mezelf een mooie roze broek om dat te vieren.</p>
<p>Thuis werd ik echter opnieuw geplaagd door doemgedachten. &#8216;s Nachts had ik koortsachtige dromen van Zinovij, dromen die je enkel droomt van een vrouw. Ik droomde dat ik Zinovij streelde over zijn rug en buik en hoe ik zijn haar waste en zijn stoppelbaard zorgvuldig afschoor.</p>
<p>Toen het zo niet meer verder kon, belde ik aan bij Zinovij, die zich ondertussen al stukken beter voelde. Toen hij de deur opendeed, gooide ik me in zijn armen en gaf hem een zoen op de lippen.</p>
<p>&#8216;Ik heb mijn ontslag ingediend vorige week,&#8217; zei ik. &#8216;Ik wil niet meer werken. Ik ben niet meer de Boris van voorheen.’</p>
<p>&#8216;Ik ben niet van plan om hier te blijven,&#8217; antwoordde Zinovij. &#8216;Van zodra ik op de been ben, trap ik het hier af. Voor mensen zoals ik is hier geen plaats.&#8217;</p>
<p>Ik werd droevig van dit nieuws. &#8216;Ik wil je niet meer in de steek laten,&#8217; zei ik.</p>
<p>Maar het land verlaten was eenvoudiger gezegd dan gedaan. De grenzen waren afgezet met ijzeren gordijnen.</p>
<p>We gingen op bezoek bij een vriend van Zinovij, een oude dissident die de helft van het jaar doorbracht in het noorden van het land, met de rendiervolkeren. Hij kende elke vierkante meter van de toendra en kon ons langs de herderspaadjes het land uit loodsen.</p>
<p>&#8216;Ik breng jullie tot aan de zee,&#8217; zei hij, ‘verder moeten jullie het redden op eigen houtje.’</p>
<p>Zinovij en ik bereidden ons voor op onze vlucht. Samen met Zinovij deed ik gymnastiek en sport om hem in goede vorm te brengen, zodat hij de overtocht kon doorstaan. We kochten een tent, een rubberen bootje, waterdichte kleren en een hoop visconserven en uiteindelijk maakten we de grote sprong in het onbekende.</p>
<p>We dobberden een week rond in de Witte Zee, van de kaart gebracht door een mistbank. Ondanks mijn pogingen hem te kalmeren, verloor Zinovij de controle over zichzelf en begon hij uit angst alle kanten uit te peddelen, waardoor hij heel wat energie kwijtraakte. Op twee dagen tijd waren we door onze voorraad visconserven en energierepen heen. Zinovij werd steeds zwakker en op de vierde dag kon hij nog met moeite zijn ogen open houden. Hij rilde van de kou, en de Finse kust was nog steeds niet in zicht. Ik probeerde hem op te beuren, zong hem liedjes uit mijn kindertijd, hield hem in mijn armen zodat hij het warm zou krijgen.</p>
<p>‘Wie had gedacht dat ik dit allemaal nog zou meemaken,’ waren zijn laatste woorden. Er stond een glimlach op zijn gezicht toen hij dit zei.</p>
<p>De volgende dag klaarde de mist op en zag ik de eerste meeuwen boven ons bootje cirkelen.</p>
<p>[like]</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2012/01/24/computerles/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hallo zomer</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/06/21/hallo-zomer/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/06/21/hallo-zomer/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 21 Jun 2011 08:10:50 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=694</guid>
		<description><![CDATA[Hallo, zomer by klausgena]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><object height="81" width="100%"><param name="movie" value="http://player.soundcloud.com/player.swf?url=http%3A%2F%2Fapi.soundcloud.com%2Ftracks%2F17549844&amp;show_comments=true&amp;auto_play=false&amp;color=f492c5"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param> <embed allowscriptaccess="always" height="81" src="http://player.soundcloud.com/player.swf?url=http%3A%2F%2Fapi.soundcloud.com%2Ftracks%2F17549844&amp;show_comments=true&amp;auto_play=false&amp;color=f492c5" type="application/x-shockwave-flash" width="100%"></embed></object>   <span><a href="http://soundcloud.com/klausgena/hallo-zomer">Hallo, zomer</a> by <a href="http://soundcloud.com/klausgena">klausgena</a></span></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/06/21/hallo-zomer/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Potloodventer</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/01/31/potloodventer/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/01/31/potloodventer/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 31 Jan 2011 17:36:22 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>
		<category><![CDATA[Verhaal]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=637</guid>
		<description><![CDATA[Ik heb eindelijk weer een verhaaltje geschreven dat beantwoordt aan mijn kwaliteitsvereisten. Hier is het: Pjotr Ivanovitsj naderde de fontein die in het midden van het park stond en waar bankjes rond stonden en wilde zich nestelen voor de rest van de dag op het bankje en genieten van het zonnetje dat zou schijnen in [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Ik heb eindelijk weer een verhaaltje geschreven dat beantwoordt aan mijn kwaliteitsvereisten. Hier is het:</p>
<p>&#8216;Juffrouw, juffrouw, kijk eens deze kant op!&#8217; riep Pjotr Ivanovitsj naar een schoolmeisje van een achttal jaar met twee vlechtjes met witte strikjes in een blauw uniformpje en met een roze lichtgevende boekentas op haar rug. Het meisje keek om, want achtjarige meisjes zijn altijd nieuwsgierig. Haar mond vertrok in een angstvallige grimas, het leek of haar mond plots was stilgevallen bij het kauwen van het chocolaatje dat ze net had gekregen voor haar eerste schooldag. Pjotr Ivanovitsj schoot in de lach. &#8216;Vind je hem mooi?&#8217; vroeg hij, de panden van zijn regenjas wijd open houdend, zodat ze een mooi zicht kreeg op zijn stijve paarse penis.<br />
Halsoverkop sloeg het meisje op de vlucht. Haar boekentas wipte angstig op en neer op haar rug.<br />
Pjotr Ivanovitsj sloot met een glimlach zijn regenjas. Een deuntje fluitend wandelde hij op het grindpaadje in de richting van de hoofdallee van het Koltsovpark. Zijn dag was goed begonnen.</p>
<p><span id="more-637"></span></p>
<p>Pjotr Ivanovitsj naderde de fontein die in het midden van het park stond en waar bankjes rond stonden en wilde zich nestelen voor de rest van de dag op het bankje en genieten van het zonnetje dat zou schijnen in zijn aangezicht. Voor vandaag was het genoeg geweest, had hij besloten. Lang zou hij op dit bankje niet blijven zitten. Pjotr Ivanovitsj was een voorzichtig man. Hij zou het nooit riskeren om meer dan drie keer per week de meisjes en de vrouwen in het park aan het schrikken te brengen. Hij wilde niet opgepakt worden, of in elkaar geslagen door een beledigde echtgenoot die per se de eer van zijn vrouw dacht te moeten verdedigen. Dat had hij allemaal al achter de rug. De politie van de Kominternwijk, waar het Kominternpark lag dat iets groter was en waar meer scholen rond lagen, kende hem al en hadden hem al enkele weken in het cachot gestoken voor zedenfeiten. Daar kon hij al niet meer heen. Spijtig, want dat park lag hem beter dan het Koltsovpark. Hier moest hij op zijn tellen letten. Vandaag was het hier zijn eerste dag en hij wilde het niet verkloten. Hij wilde zeker niet dat dat meisje nu huilend met haar moeder naar het park terug zou komen en hem met de vinger zou wijzen, net nu het zonnetje zo aangenaam op zijn kale schedel scheen en hij zich zodanig ontspannen voelde dat hij wel een dutje leek te kunnen doen. Moeders waren erger dan echtgenoten. Hij had er eens één achter hem gehad met een keukenmes, krijsend dat ze zijn lul eraf zou snijden en voederen aan de raven. Na dat voorval was hij wel een beetje stil geweest. En een paar dagen later werd hij opgepakt door de flikken in het Kominternpark. Sindsdien had hij zijn activiteiten verplaatst naar het Koltsovpark, en hij vond het hier wel een leuk plekje. Het was alleen maar aan de kleine kant. Maar anderzijds had het veel uitgangen en kon hij steeds een kant uit, mocht de grond te heet worden onder de voeten.<br />
Hij keek met een bevredigd gevoeld naar de mensen die liepen door het parkje, naar de mensjes die verdiept waren in hun zielige leventjes, de mannetjes in zwarte kostuumpjes die zich haastten door het park om contractjes te doen ondertekenen of aanvragen in te dienen bij allerlei officiële instellingen om hun kleinzielige zaakjes te regelen. Man, wat voelde hij zich goed! Hij keek zelf met een zekere welwillendheid naar de zwangere vrouw met de kinderwagen die vanuit het smalle paadje tegenover hem, dat kwam van de kinderspeelhoek, in de richting van de fontein kwam gerend. Zij rende wel snel voor een zwangere vrouw, bedacht Pjotr Ivanovitsj, nu hij er meer aandacht aan begon te besteden, aan haar grote borsten die ongecontroleerd op en neer wipten, haar grote angstige ogen en de kinderwagen die opsprong op de onregelmatige geërodeerde betonnen tegels van het paadje. Haar mond was open, maar er leek geen geluid uit te komen. Pjotr Ivanovitsj zette zich iets rechter en zag hoe er achter haar een man aanrende in een lange regenjas, die riep, met duidelijke ironie in de stem: &#8216;Waarom loopt u toch van me weg, mevrouw?&#8217; Aan het einde van het pad hield de man halt en rende de dame verder over de hoofdallee van het Koltsovpark, zonder om te kijken. Enkele wandelaars draaiden zich verwonderd om naar de vrouw. Enkel Pjotr Ivanovitsj had gezien dat zij achterna werd gezeten door een vent in een regenjas, een vent die nu recht naar hem stond te kijken, met blauwe fonkelende ogen die volgens Pjotr Ivanovitsj wel een klein beetje gekte verrieden, zoveel mensenkennis had hij nu ook wel. Met een zwaai deed de man zijn regenjas open en stak zijn tong uit naar Pjotr Ivanovitsj. Ja, in zijn ogen stond zeker gekte af te lezen, dacht Pjotr Ivanovitsj en keek met afgrijzen naar de man zijn indrukwekkende orgaan, dat stijf stond als een strijkplank.<br />
&#8216;Doe die jas dicht!&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj met afgrijzen in de stem, zette zich recht en haalde zijn piet even tevoorschijn vanonder zijn jas.<br />
Het gezicht van de man veranderde in een glimlach. &#8216;Ha, confrater,&#8217; zei hij, op Pjotr Ivanovitsj afstappend om hem de hand te schudden, maar Pjotr Ivanovitsj gaf zijn hand niet. &#8216;Wat denk jij wel dat je doet?&#8217; siste hij en  troonde de man bij de elleboog verder, een klein paadje in. &#8216;Doe je jas dicht, in godsnaam, of je krijgt een pak slaag van mij!&#8217;<br />
&#8216;Nu breng je me aan het schrikken,&#8217; zei de man. Pjotr Ivanovitsj gaf hem een schop onder zijn kont en de man vloog een paar meter vooruit. &#8216;Auw!&#8217; zei de man.<br />
&#8216;Hoe heet jij?&#8217; vroeg Pjotr Ivanovitsj.<br />
&#8216;Jevgeni, maar jij mag me Zjenja noemen&#8217;, zei de man.<br />
&#8216;Laten wij duidelijk zijn, Jevgeni&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj, &#8216;dit parkje is te klein voor ons beiden.&#8217;<br />
Jevgeni nam Pjotr Ivanovitsj&#8217; jas beet. &#8216;Wij dragen dezelfde regenjas!&#8217; riep hij uit. &#8216;Gekocht op de hoek van de Poesjkinstraat en de Engelsstraat? Nu herinner ik me jou,&#8217; zei Jevgeni, &#8216;jij stond achter me in de rij!&#8217;<br />
&#8216;Eén van ons is hier teveel, en dat ben jij, voor alle duidelijkheid. Ga naar het parkje naast bioscoop Spartak,&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj &#8216;daar loopt ook veel volk rond, meer van je soort, en laat me hier met rust.&#8217;<br />
&#8216;Laten we het anders doen,&#8217; zei Jevgeni, &#8216;jij neemt de kant van het park met het sjasjlikkraam en het standbeeld, en ik die van de kinderspeeltuin en de school.&#8217;<br />
Pjotr Ivanovitsj liep helemaal rood aan van een dergelijke arrogantie.<br />
&#8216;Ik? De kant van het sjasjlikkraam en het standbeeld? Daar zitten alleen maar zuipschuiten en ander gespuis op de bankjes! Dat komt me de les hier spellen! Ga jij daar maar staan als je dat bevalt, zodat één van die psychopaten je lul er meteen afsnijdt.&#8217;<br />
&#8216;Laten we er een wedstrijd om houden,&#8217; zei Jevgeni, `Wie wint mag aan de speeltuin gaan staan.&#8217;<br />
&#8216;Waarom zou ik mee willen doen aan een wedstrijd?&#8217; vroeg Pjotr Ivanovitsj.<br />
&#8216;Omdat ik hier anders elke dag in het midden van het park met mijn piet zal komen zwaaien, tot er aan alle ingangen van het park een politiepatrouille staat&#8217;, zei Jevgeni. &#8216;Of denk je dat ik dat niet durf?&#8217;<br />
&#8216;Laat eens horen over dat wedstrijdje van jou,&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj schoorvoetend.<br />
&#8216;Drie proeven! Eerste etappe om het langst met gezakte broek, bij wijze van spreken natuurlijk, aan het Koltsovstandbeeld staan.&#8217;<br />
&#8216;Wat? Dat is zelfmoord!&#8217; riep Pjotr Ivanovitsj uit. &#8216;Daar hangen alleen maar drugsverslaafden rond, dat heb ik je al gezegd, je loopt er over straat en onder je voeten kraakt het van de spuiten! En dat is geen publiek bovendien. Absoluut geen dankbaarheid, alleen gevaarlijk. Je kan me evengoed in een gracht met krokodillen gooien!&#8217;<br />
&#8216;Als je denkt dat dat gevaarlijk is, dan wil ik wel als eerste zijn.&#8217;<br />
&#8216;En wie gaat de tijd meten? Hoe weet ik dat je me niet bij de neus neemt?&#8217;<br />
&#8216;Van op het standbeeld is in de verte de toren van de universiteit te zien met zijn klok. Daar kunnen we alle twee de tijd op volgen, zonder vals spelen.&#8217;<br />
Jevgeni stond aan het standbeeld van Koltsov, de grote Russische romantische dichter die zijn laatste dagen in armoede had gesleten en er aan was gegaan door de tering. Als bij wonder was er heel die tijd niemand die het standbeeld passeerde, en Pjotr Ivanovitsj voelde zich zenuwachtig worden. Er waren al bijna vijf minuten voorbij en het was doodstil. Natuurlijk was het nog vroeg voor de drugsverslaafden. Het was nog maar net elf uur. Die lagen waarschijnlijk nog allemaal te ronken. Eindelijk, er waren zes minuten voorbij, zag Pjotr Ivanovitsj hoe Jevgeni haastig zijn broek optrok. Pjotr Ivanovitsj keek om en zag hoe uit het paadje twee joggers kwamen aangerend.<br />
&#8216;Goedemiddag&#8217;, riepen de joggers naar Jevgeni en Pjotr Ivanovitsj en ze waren voort.<br />
&#8216;Goedemiddag,&#8217; antwoordden Pjotr Ivanovitsj en Jevgeni. Joggers op een middag, dat was raar. &#8216;En? 6 minuten&#8217;, zei Jevgeni. &#8216;Probeer dat maar eens te verbeteren.&#8217;<br />
Ja, dat leek ook Pjotr Ivanovitsj een onmogelijke opdracht. Wat had die klootzak toch geluk gehad: zes minuten zonder ook maar één voorbijganger. Met de moed in zijn schoenen zette hij zich voor het Koltsovstandbeeld.. De Russische dichter leek hem aan te kijken met iets dat leek op een minachtende glimlach. &#8216;Waar ben jij eigenlijk mee bezig?&#8217; leek die wel te vragen. Ja, dacht Pjotr Ivanovitsj, dat zal je meteen zien, dacht hij en hij opende de regenjas die hij gekocht had op de hoek van de Poesjkinstraat en de Engelsstraat en waar hij anderhalve dag voor in de rij had gestaan. Hij zette zijn handen in de zij en keek naar zijn lange penis &#8211; die er maar lusteloos bij hing &#8211; en keek naar de wormen en de insecten die zonder twijfel hun onderkomen hadden gevonden tussen de stenen van het postament voor de romantische poëet.<br />
&#8216;Neen, zo gaat dat niet,&#8217; riep Jevgeni vervolgens, &#8216;naar omhoog met dat ding! Dat is niet volgens de regels.&#8217; Pjotr Ivanovitsj haalde de schouders op en werkte met zijn rechterhand tot zijn vlaggenstok weer naar het terrasje van het sjasjlikkraam wees, dat gelukkig veraf was en waar nog geen volk was op dit ochtenduur. Pjotr Ivanovitsj zag enkel hoe de kuisvrouw met een emmertje sop de plastic stoelen afsponste, en hoe er stilaan een wolkje rook uit de blinkende metalen schoorsteen kwam. De caféhouder, een Azerbeidzjaan die zich steeds misrekende in eigen voordeel, was zijn vuurtje aan het klaarmaken voor de eerste klanten van zijn twijfelachtige productie. Pjotr Ivanovitsj tuurde angstvallig naar de klok van de universiteit. Er waren vier minuten voorbijgetikt.<br />
&#8216;En, komt er niemand af daarachter?&#8217; vroeg hij.<br />
&#8216;Waarom, ben je bang?&#8217; vroeg Jevgeni.<br />
&#8216;Dit is het kindertuintje niet,&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj, &#8216;de kans dat hier een meisje voorbijloopt of een moeder met een kinderwagentje is vrij theoretisch. Als er dus iemand afkomt, dan moet dat een man zijn, één die er niet voor terugdeinst zich te begeven in dit ongure gedeelte van dit park.&#8217;<br />
&#8216;Iemand zwaargebouwd, met een pitbull en een leren jekker?&#8217; vroeg Jevgeni. &#8216;Iemand die zijn hond op je loslaat vanaf hij je in het vizier krijgt?&#8217;<br />
&#8216;Je moet me niet de stuipen op het lijf jagen.&#8217; Pjotr Ivanovitsj keek gespannen naar de klok. Vijf minuten waren voorbij. &#8216;Ik maak je helemaal geen blaasjes wijs&#8217;, zei Jevgeni.<br />
Jevgeni had dit nog maar net gezegd, of Pjotr Ivanovitsj hoorde geblaf achter zich dat snel naderde. Hij keek kom en zag hoe een pitbull op hem af rende, met schuim in slierten van zijn muil spattend. Hij keek angstvallig naar de klok van de universiteit. Nog steeds geen zes minuten. Hij keek nog eens naar de hond, die zich al klaar maakte voor de laatste rechte lijn, deed zijn regenjas dicht en zette het op een rennen.<br />
Hij rende als een gek. De panden van zijn regenjas flapperden wild op en neer. Van het paadje draaide hij het bos in. De takken van de struiken zwiepten in zijn gezicht. Wat een rotstreek van die Jevgeni, schoot het door Pjotr Ivanovitsj&#8217; hoofd. Van je collega&#8217;s moet je het hebben. Ik zal hem een poepje laten ruiken, de klootzak.<br />
Pjotr Ivanovitsj had zich verscholen in één van de donkere ingangen van een woningblok aan de rand van het park. Zijn regenjas hing helemaal aan flarden en hij kon geen stap zetten of heel zijn kont was bloot. Hij was ook een schoen verloren om aan de hond te kunnen ontsnappen en had zich achter geparkeerde wagens verborgen om ongemerkt tot aan het huis te kunnen sluipen en zijn wonden te likken in de donkere, door katten, daklozen en alcoholici ondergezeikte ingang. Nu probeerde hij met enkele stukjes ijzerdraad, die hij op de kop had getikt de scheuren in zijn jas bij elkaar te binden. Dat zou hij die Jevgeni betaald zetten.<br />
&#8217;1-0&#8242;, grinnikte Jevgeni, `Ik heb nog nooit zo gelachen, Je had je moeten zien lopen. Heb jij nog aan atletiek gedaan in je jongen jaren?&#8217;<br />
&#8216;Loop naar de hel. Ik doe niet meer mee aan die rotwedstrijden van jou. Rot op uit mijn park. Er is plaats genoeg hiernaast, bij Cinema Spartak,&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj, die er de buik van vol had.<br />
&#8216;Neen, hoor,&#8217; zei Jevgeni, `ik wil ook wel de dametjes en de schoolmeisjes. Die flikkers naast de bioscoop, die winden me niet op. &#8216;De volgende opdracht mag jij verzinnen.&#8217;<br />
Nu kreeg Pjotr Ivanovitsj een goed idee. Hier had hij zelf al steeds van gedroomd, maar het risico had hem te groot geleken.<br />
&#8216;Zie je daar die vrouw lopen?&#8217; vroeg hij, wijzend naar een groepje kleuters dat mooi op een rijtje achter een kinderjuf aanwaggelde. Pjotr Ivanovitsj doelde op de juf. Het was een strenge oudere dame, die er zeer respectvol uitzag en ontzag inboezemde, zelfs bij Pjotr Ivanovitsj. Hij had haar al veel keer zijn pik willen tonen, maar telkens hij haar benaderde en zijn regenjas wilde opengooien, keek ze hem aan met zo een bliksemende blik, dat hij meteen rechtsomkeert maakte. Er was iets in die vrouw dat hem totaal machteloos maakte, onweerbaar en murw als een slak.<br />
&#8216;Ik zie dat oude wijf,&#8217; zei Jevgeni, &#8216;en dan?&#8217;<br />
&#8216;Dat is geen oud wijf,&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj verontwaardigd, &#8216;dat is een vrouw! Een dame! Ik wil dat je haar rok en haar broekje aftrekt wanneer ze midden in de hoofdallee staat aan de fontein, waar het meeste volk rondloopt.&#8217;<br />
&#8216;Is dat alles?&#8217; vroeg Jevgeni en hij holde weg, de juf met haar kindjes achterna. Nu en dan verborg hij zich achter een lantaarnpaal of zette hij zich op een bankje om de aandacht niet op te wekken. Pjotr Ivanovitsj ging hem op een afstand achterna. Aan het fonteintje gekomen, stelde Pjotr Ivanovitsj zich strategisch op achter een struik, zodanig dat hij een goed overzicht had, maar tegelijkertijd aan het zich was onttrokken. Op dit moment had hij lang gewacht. Als toeschouwer leek het hem minstens even opwindend dan als uitvoerder. Alhoewel hij eraan twijfelde dat Jevgeni genoeg kloten aan zijn lijf zou hebben om het plan ook uit te voeren. Mar alleen de gedachte dat het theoretisch mogelijk was, was voor Pjotr Ivanovitsj eigenlijk al voldoende. Die Jevgeni was gewoon een ventje met een grote smoel, meer niet.<br />
De kleuterjuf hield stil aan het fonteintje en de kleuters haalden hun schepjes en emmertjes boven om te peuteren in de plantsoentjes en wormen te verzamelen, terwijl zij zich zou neerzetten om een boekje te lezen op het bankje en haar minnaar haar avances kwam maken. Dat had hij niet verteld aan Jevgeni: dat er nog een man in het spel was. Pjotr Ivanovitsj zag de man al afkomen vanuit de rechterhoek van het park, met twee anjers in een krantje gewikkeld. Dat was een wekelijks ritueel. De juf had zich ook nog niet op het bankje genesteld, ze bukte zich net om haar sonnetten van Shakespeare uit haar handtas te halen, toen Jevgeni toesloeg.<br />
Jevgeni was er plots, als een duivel uit een doosje leek hij te verschijnen van achter de fontein plaatste hij zich ongemerkt achter de kinderjuf en trok met een ruk jaar jurk, tezamen met slipje en dubbel paar panties &#8211; de juf was een koukleum &#8211; naar beneden, waarna hij zijn regenjas uittrok en er mee boven zijn hoofd begon te zwaaien. Nu zou de geheime aanbidder moeten aankomen om zijn liefde te verdedigen, de achtervolging in te zetten en Jevgeni een pak slaag van jewelste te geven, daar had Pjotr Ivanovitsj toch op gerekend, dat Jevgeni daar &#8216;zijn broek&#8217; aan zou scheuren. Maar Jevgeni had weer geluk, net zoals daarnet. De geheime aanbidder had naar het spektakel staan kijken als een ordinaire nieuwsgierige, en toen de kinderjuf met haar beangstigde ogen in de nieuwsgierige menigte zocht naar die van haar aanbidder, zag Pjotr Ivanovitsj hoe deze zijn anjers gauw de grond op liet vallen en verdween tussen de wandelaars. Jevgeni was al verdwenen in de struiken.<br />
&#8216;En Pjotr Ivanovitsj, 2-0!&#8217; zei Jevgeni toen ze elkaar even later ontmoetten op hun geheime verzamelplaats achter de kastanjeboom naast het kinderspeeltuintje en de zandbakken.<br />
&#8216;Nu is het mijn beurt om een opdracht te verzinnen,&#8217; zei Jevgeni.<br />
Pjotr Ivanovitsj reageerde niet. Hij was afwezig. Die Jevgeni werd een echte stok in zijn keel. Hij zou die wedstrijd verliezen, want die Jevgeni had stukken meer lef dan hij.<br />
&#8216;Je bent zo stil, Pjotr Ivanovitsj?&#8217; vroeg Jevgeni. &#8216;Ben je aan het denken waar je straks de jonge meisjes mee de stuipen op het lijf kan jagen?&#8217;<br />
Pjotr Ivanovitsj zweeg. Hij had er genoeg van.<br />
&#8216;Je mag het hebben, dat parkje,&#8217; zei Pjotr Ivanovitsj, &#8216;ik ga wel op een ander.&#8217; En hij draaide zich om, Jevgeni verwonderd achterlatend.<br />
Eenmaal op straat gekomen, ging Pjotr Ivanovitsj op zoek naar een telefooncabine.<br />
Hij belde naar de politie.<br />
`Er loopt een exhibitionist rond in het Koltsovpark&#8217;, zei hij en legde de hoorn op de haak.<br />
Hij ging naar huis. Morgen zou hij weer aan de slag kunnen gaan, zonder die rotte Jevgeni. Die zou vandaag opgepakt worden en morgen misschien vertellen aan de politie dat er nog een potloodventer rondliep in het Koltsovpark, maar wie zou hem geloven? Het hele park had gezien hoe hij de kinderjuf in haar blootje had gezet.<br />
Hij viel bevredigd in slaap. Hopelijk was het morgen minder stresserend.<br />
[like]</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/01/31/potloodventer/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>8</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Trönte</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/01/14/tronte/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/01/14/tronte/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 14 Jan 2011 19:45:56 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=617</guid>
		<description><![CDATA[Hier een liedje van mijn vriend Klaas, die door het muzikale leven gaat als Trönte. Het stemgeluid is van mij, opgenomen met het zelfgemaakte headsetje waar ik mijn vertalingen in dicteer. Trönte &#8211; de onnozele bollebozen by Troente Ik raad u meteen ook aan even te luisteren naar de rest van zijn muziek.]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Hier een liedje van <a href="http://www.ikenmijnlada.com/wp/2006/02/12/mijn-vriend-klaas/">mijn vriend Klaas</a>, die door het muzikale leven gaat als <a href="http://soundcloud.com/troente">Trönte</a>. Het stemgeluid is van mij, opgenomen met het zelfgemaakte headsetje waar ik mijn vertalingen in dicteer.<object height="81" width="100%"><param name="movie" value="http://player.soundcloud.com/player.swf?url=http%3A%2F%2Fapi.soundcloud.com%2Ftracks%2F9142605&amp;show_comments=true&amp;auto_play=false&amp;color=f492c5"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param> <embed allowscriptaccess="always" height="81" src="http://player.soundcloud.com/player.swf?url=http%3A%2F%2Fapi.soundcloud.com%2Ftracks%2F9142605&amp;show_comments=true&amp;auto_play=false&amp;color=f492c5" type="application/x-shockwave-flash" width="100%"></embed></object>   <span><a href="http://soundcloud.com/troente/de-onnozele-bollebozen">Trönte &#8211; de onnozele bollebozen</a> by <a href="http://soundcloud.com/troente">Troente</a></span></p>
<p>Ik raad u meteen ook aan even te luisteren naar de rest van zijn muziek.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2011/01/14/tronte/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hoop is voor lulletjes</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/04/06/hoop-is-voor-lulletjes/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/04/06/hoop-is-voor-lulletjes/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 06 Apr 2010 08:51:21 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/04/06/hoop-is-voor-lulletjes/</guid>
		<description><![CDATA[Mijn verslaving aan House M.D. heeft me aan een einde geholpen voor een verhaal waarmee ik vast zat. De verlichting kwam vanmorgen, nadat ik gisteravond de aflevering had bekeken die ik zondag had opgenomen. Onderwerp van de aflevering in kwestie: dokter House ontvoert de hoofdacteur van zijn favoriete ziekenhuissoap, omdat hij vermoedt dat die lijdt [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Mijn verslaving aan House M.D. heeft me aan een einde geholpen voor een verhaal waarmee ik vast zat. De verlichting kwam vanmorgen, nadat ik gisteravond de aflevering had bekeken die ik zondag had opgenomen. Onderwerp van de aflevering in kwestie: dokter House ontvoert de hoofdacteur van zijn favoriete ziekenhuissoap, omdat hij vermoedt dat die lijdt aan een hersentumor (uiteindelijk blijkt hij allergisch te zijn aan kinine). De acteur lijdt ook aan een depressie. Hij vertelt steeds dat hij iets zinvols wilt doen met zijn leven. House zegt dat hij dat dan maar moet doen, waarop de acteur antwoordt dat dit niet zo gemakkelijk is. &#8216;Jij bent één van die types met faalangst,&#8217; zegt Dokter House. &#8216;Je bent bang dat je plannen mislukken. Daarom klamp je je vast aan de hoop. Maar weet je wat? Hoop is voor lulletjes.&#8217;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/04/06/hoop-is-voor-lulletjes/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ikzelf</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/04/01/ikzelf/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/04/01/ikzelf/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 01 Apr 2010 13:23:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>
		<category><![CDATA[Moskoupraat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=520</guid>
		<description><![CDATA[Mijn alter ego heeft weer een domein aangekocht, alweer met professionele doeleinden. Ditmaal is de url eenvoudiger te onthouden (voor mensen die mijn naam kennen). Het is niet veel zaaks, het is een online visitekaartje voor mijn vertaal- en tolkdiensten Russisch-Nederlands: www.nicolasseveryns.be. Wat misschien interessanter kan zijn voor mensen die dit blog lezen, is dat [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Mijn alter ego heeft weer een domein aangekocht, alweer met professionele doeleinden. Ditmaal is de url eenvoudiger te onthouden (voor mensen die mijn naam kennen). Het is niet veel zaaks, het is een online visitekaartje voor mijn <a href="http://www.nicolasseveryns.be">vertaal- en tolkdiensten Russisch-Nederlands</a>: <a href="http://www.nicolasseveryns.be">www.nicolasseveryns.be</a>.</p>
<p>Wat misschien interessanter kan zijn voor mensen die dit blog lezen, is dat ik daar <a href="http://www.nicolasseveryns.be/blog/">ook een blog</a> ben begonnen (het wordt verwarrend), eentje met meer beperkingen dan hier. Ik schrijf daar over alle letters uit het Russische alfabet, op basis van Russische woorden die ik markant vind. Het is tegelijkertijd educatief en ontspannend, zoals tegenwoordig alles hoort te zijn. Intussen staat mijn postjesteller op vijf. De volgende woorden zijn al aan bod gekomen: <a href="http://www.nicolasseveryns.be/blog/2010/04/%D0%B4-%D0%B4%D0%B5%D1%80%D1%8C%D0%BC%D0%BE%D0%BA%D1%80%D0%B0%D1%82%D0%B8%D1%8F-shitocratie/">dermokratia</a>, <a href="http://www.nicolasseveryns.be/blog/2010/01/%D0%B1-%D0%B1%D0%B0%D1%80%D1%81%D0%B5%D1%82%D0%BA%D0%B0-het-polstasje/">barsetka</a>, <a href="http://www.nicolasseveryns.be/blog/2010/03/%D1%88-%D1%88%D0%B0%D1%85%D0%B8%D0%B4%D0%BA%D0%B0-daadster-van-een-zelfmoordaanslag/">sjachidka</a>, <a href="http://www.nicolasseveryns.be/blog/2010/01/zestigers/">sjestidesjatniki</a> en <a href="http://www.nicolasseveryns.be/blog/2010/02/portjanki-%D0%BF%D0%BE%D1%80%D1%82%D1%8F%D0%BD%D0%BA%D0%B8-voetlappen/">portjanki</a>.</p>
<p>Veel leesplezier!</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/04/01/ikzelf/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Schrijfboeken</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/30/schrijfboeken/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/30/schrijfboeken/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 30 Mar 2010 18:45:42 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=519</guid>
		<description><![CDATA[Misschien ligt het aan de lente, maar ik hoop van niet. Ik ben weer beginnen schrijven, voor de zoveelste keer. Dit keer heb ik me uit de put getrokken met behulp van het boekje &#8216;Becoming a writer&#8217; van een zekere mevrouw Brande, geschreven in 1934. Het gaat over het losmaken van het onderbewustzijn en het [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Misschien ligt het aan de lente, maar ik hoop van niet. Ik ben weer beginnen schrijven, voor de zoveelste keer. Dit keer heb ik me uit de put getrokken met behulp van het boekje &#8216;Becoming a writer&#8217; van een zekere mevrouw Brande, geschreven in 1934. Het gaat over het losmaken van het onderbewustzijn en het niet jezelf doen verzuipen in zelfkritiek. Zoiets kan ik wel gebruiken. Sinds eergisteren (hoe lang hou ik dit nu weer vol?) sta ik elke dag een halfuurtje (of beter een kwartiertje) vroeger op om te schrijven wat er in me op komt. Ik kan er al twee nachten niet van slapen, omdat ik zit te denken over wat ik die ochtend ga schrijven. </p>
<p>Ik heb me steeds geschaamd voor het feit dat ik zulke boekjes lees en ook voor het feit dat ik wel eens iets goeds zou willen schrijven. Toen ik nog student was, ging ik naar de bibliotheek en verstopte ik die boekjes tussen onschuldige romans, alsof het pornoboekjes waren. Nu is dat gemakkelijker, ik kan alles gewoon downloaden van het internet. </p>
<p>Die boekjes hebben me trouwens al meer ongeluk dan geluk gebracht. Zo liet ik een vijftal jaar geleden, toen ik &#8216;How to write a bestseller&#8217; van een zekere Jerry Zuckerman aan het lezen was, mijn dochter op de grond vallen. Ze zat op mijn schoot toen ik aan pagina 153 was beland, waar Zuckerman beschrijft hoe hij één van zijn auteurs overtuigde om de Russische graaf, de Franse prostituee en de Engelse koetsier uit de roman te gooien, omdat er teveel personages in zaten en ze te vervangen door één personage. Ik was, moet ik toegeven, geboeid en probeerde het blad om te draaien om te weten te komen wat die Zuckerman allemaal nog zou uitvoeren met die arme schrijver waarover hij zich had ontfermd, mijn dochter balancerend op mijn rechterknie en het boek op mijn linkerknie. Ze zat bedachtzaam te zuigen op haar fopspeen en lichtjes te schommelen op mijn knie. Ik haalde even mijn rechterarm van rond haar lichaampje (dat nauwelijks groter dan mijn handpalm was) om het blad om te draaien. Toen ik dat deed, viel ze van mijn knie, met haar kop op de grond en begon te huilen. </p>
<p>Ik zou dus beter moeten weten dan het lezen van zulke boekjes. </p>
<p>Maar dit keer is het anders. Dat zeg ik ook tegen mezelf telkens ik mijn laatste sigaret rook. Dit is mijn laatste sigaret. Ik ga mijn onderbewustzijn leren verkennen. Ik ga me vrijmaken en schrijven als een gek. Alles wat in mijn hoofd opkomt, zonder om te kijken en me suf te peinzen en te twijfelen aan elk woord dat ik op papier zet. Hoe klinkt dat?</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/30/schrijfboeken/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Souvereine democratie</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/28/souvereine-democratie/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/28/souvereine-democratie/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 27 Mar 2010 22:34:06 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/28/soevereine-democratie/</guid>
		<description><![CDATA[Mijn zoon stond in de badkamer zijn tanden te poetsen. Hij was in een rothumeur. De kat had op zijn deken gepist. &#8216;En dat allemaal omdat die deur niet dichtgaat,&#8217;  klaagde hij. Sinds mijn vrouw zijn deur heeft geverfd, gaat de deur van zijn slaapkamer niet meer dicht. &#8216;Ik vind dat trouwens een inbreuk op [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Mijn zoon stond in de badkamer zijn tanden te poetsen. Hij was in een rothumeur. De kat had op zijn deken gepist. &#8216;En dat allemaal omdat die deur niet dichtgaat,&#8217;  klaagde hij. </p>
<p>Sinds mijn vrouw zijn deur heeft geverfd, gaat de deur van zijn slaapkamer niet meer dicht.</p>
<p>&#8216;Ik vind dat trouwens een inbreuk op mijn persoonlijke ruimte,&#8217; zei hij, &#8216;dat mijn deur zomaar geverfd wordt, zonder mijn inspraak.&#8217; </p>
<p>&#8216;Dien een klacht in bij de hogere instanties,&#8217; zei ik.</p>
<p>&#8216;Welke hoger instanties? Mama?&#8217;</p>
<p>Ik moest lachen. &#8216;Het is hier zoals in Rusland,&#8217; zei ik, &#8216;alle klachten komen terecht bij de overtreder. Een <a href="http://cf.hum.uva.nl/oosteuropa/prospekt/artikelen2008/poetinologie_feb.html" title="poetinologie">souvereine democratie</a>. Mama is Poetin en ik ben Medvedev.&#8217; Ik verliet de badkamer.</p>
<p>&#8216;En wie ben ik dan&#8217;, riep mijn zoon mij verontwaardigd achterna, &#8216;<a href="http://www.volkskrant.nl/archief_gratis/article1223824.ece/Campagne_voeren_tegen_Kremlin_is_zinloos" title="Vechten tegen het Kremlin is zinloos.">Chakamada</a>?&#8217;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/28/souvereine-democratie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Onrust in Moskou</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/27/onrust-in-moskou/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/27/onrust-in-moskou/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 26 Mar 2010 22:17:15 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/27/onrust-in-moskou/</guid>
		<description><![CDATA[Vandaag zijn we naar de boekenmarkt geweest hier in het expocentrum. Ik zag er tussen de &#8216;laatste exemplaren&#8217; het boek liggen van Michel Van Eeten, &#8216;Tegennatuur&#8217;. Het ligt al in de uitverkoop en is nauwelijks een jaar op de markt. Ik heb me ook het boekje &#8216;Literair Overleven&#8217; gekocht van Dirk van Weelden, over hoe [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Vandaag zijn we naar de boekenmarkt geweest hier in het expocentrum. Ik zag er tussen de &#8216;laatste exemplaren&#8217; het boek liggen van Michel Van Eeten, &#8216;Tegennatuur&#8217;. Het ligt al in de uitverkoop en is nauwelijks een jaar op de markt. Ik heb me ook het boekje &#8216;Literair Overleven&#8217; gekocht van Dirk van Weelden, over hoe de literaire wereld er in ons taalgebied vandaag de dag uitziet, op commercieel gebied dan. Voor de rest heb ik voor 99 cent &#8216;Onrust in Moskou&#8217; op de kop getikt van Gerard De Villiers, een flutromannetje in de oneindige SAS-reeks. Dat kon ik niet laten liggen, zeker niet omdat al op de eerste pagina&#8217;s KGB-ers in een Japans restaurant lauwe vodka drinken. Die De Villiers is echt van alle markten thuis. Ik had het zelf niet beter kunnen bedenken.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/03/27/onrust-in-moskou/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De hele zwik</title>
		<link>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/02/04/de-hele-zwik/</link>
		<comments>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/02/04/de-hele-zwik/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 03 Feb 2010 23:52:05 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Klaus Gena</dc:creator>
				<category><![CDATA[Creatief]]></category>
		<category><![CDATA[Verhaal]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ikenmijnlada.com/wp/?p=516</guid>
		<description><![CDATA[En hier is de hele zwik, goed voor een equivalent van 166 Twitterboodschappen: Althans voor de helft &#8230; Je zou die luchthaven eens moeten zien. Ik lijk wel in een teletijdmachine beland!’ Zijn koffer, een rode Samsonite die hij geleend had van zijn schoonmoeder en volgeplakt was met stickers van touroperators en cruiserederijen, kwam zijn [...]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>En hier is de hele zwik, goed voor een equivalent van 166 Twitterboodschappen:</p>
<p> ‘Was me dat een hartelijke ontvangst,’ zei geoloog Joost De Bruyckere, toen hij zijn paspoort terug in zijn buiktasje opborg. Hij was net aangekomen in Moskou en stond te wachten tot zijn koffer van de band rolde in luchthaven Sjeremetjevo 2. Hij had zijn vrouw Hannah aan de telefoon om te zeggen dat hij goed was aangekomen. ‘Ik heb het nog nooit zo in mijn broek gedaan tijdens een paspoortcontrole. Die agent keek me aan alsof ik vijf condooms met cocaïne had ingeslikt’,  zei Joost. Hij bestudeerde het plafond, dat beplakt was met door de jaren heen gedeukte koperen cirkels. ‘Net gerecycleerde conserven,’ dacht hij. ‘&#8230; Deze zomer met jou en de kinderen in Tunesië vond ik al randje boordje met die corruptie en dat onsmakelijke eten, maar dat was Afrika, verdorie. Rusland, dat is toch Europa? </p>
<p><span id="more-516"></span>Althans voor de helft &#8230; Je zou die luchthaven eens moeten zien. Ik lijk wel in een teletijdmachine beland!’ Zijn koffer, een rode Samsonite die hij geleend had van zijn schoonmoeder en volgeplakt was met stickers van touroperators en cruiserederijen, kwam zijn kant op gerold. Hij pakte hem beet met één hand en zette hem op wieltjes terwijl hij verder praatte met zijn vrouw. ‘Ja, ze zijn geen lid van de Europese Unie, dat is waar &#8230;’ Hij rolde de koffer richting douane, ongemakkelijk stappend op zijn nieuwe wandelschoenen. ‘&#8230; maar dankzij die kerels heb ik toch mooi een carport kunnen bouwen &#8230; en eindelijk raken we van die oude salonmeubels af &#8230;’ De douanier maakte vermoeid teken dat er een papiertje mankeerde. ‘&#8230; nog even op de tanden bijten, juist &#8230; schat, ik moet je laten, de douane maakt problemen &#8230; tot binnen een weekje! Kusje.’ Joost stak zijn gsm in één van de steekzakken van de broek die hij had gekocht in een campeerwinkel en krabde aan zijn achterwerk. ‘Dat jeukt als de hel, dat thermische ondergoed,’ dacht hij. ‘Hoe die Russen dat kunnen dragen, ik zou het bij god niet weten.’ Hij keerde terug van waar hij gekomen was en zette zich aan het formulier in te vullen. ‘Het doel van mijn reis? Wat moet ik hier invullen? Olievelden in kaart zetten?’ dacht hij. ‘Bestemming: Tjoemen. Op Google Earth leek dat stadje niet veel zaaks,’ herinnerde Joost zich, ‘rijen huisjes van hooguit drie verdiepingen, omringd door oranjebruine toendra en hier en daar wat dennenstoppels. Enkel van de stedelijke kerncentrale was een driedimensioneel model beschikbaar. Dat belooft.’ Hij vulde de rest van het formulier in en begaf zich naar de aankomstzaal. </p>
<p>Hij werd meteen aangeklampt door allerlei ongure types met een slechte adem, die in zijn oren toeterden: ‘Taxi? Niet duur!’ Hij probeerde langs de tronies heen te kijken, op zoek naar een bordje met zijn naam op. Het bedrijf had hem gisteren meegedeeld dat hij door een chauffeur zou worden opgehaald. Maar van een bordje met zijn naam was geen spoor. Er waren wel bordjes voor een zekere Michel Dubois, die werkte voor een farmaceutisch bedrijf, een bordje met het logo van Shell voor Mr. Neil Anderson en eentje voor de gasten van het Marriot-hotel. Hij keek op zijn horloge. Drie uur Belgische tijd. ‘Vijf uur in Moskou dus,’ dacht Joost. ‘Het heeft geen zin om Svetlana te bellen en te vragen waar die chauffeur blijft.’ Hij blikte de zaal rond en zuchtte. ‘Laten we onszelf dan maar voor de leeuwen gooien.’</p>
<p>Joost monsterde het zootje taxichauffeurs, dat zich als een roedel wolven stortte op elke passagier die de bagageruimte verliet. Hij liet zijn keuze vallen op volgens hem het minst gevaarlijke type van de bende was, een klein en mager ventje met een zwarte pet, een te grote leren vest en een joekel van een haakneus, dat nerveus stond te roken in een hoekje, ver van de rest.</p>
<p>Joost sprak af met het ventje en ze gingen naar de parking. ‘Met wat voor een bak rijd jij?’ vroeg Joost, toen de chauffeur hem tot zijn wagen had gebracht, ‘raken we daarmee tot in Moskou?’</p>
<p>‘Een auto is een auto,’ zei de kerel kortaf.</p>
<p>De auto, van Russische makelij, leek niet al te oud te zijn. Toch zat hij al onder de deuken, was er één koplamp die niet werkte en leek heel de onderkant doorgeroest. Wanneer het ventje de sleutel omdraaide in het contact, leek de auto even te hoesten. Bij een tweede poging schoot het ding aan het huilen en schokte de wagen een meter vooruit. Enkel bij de derde poging begon de wagen te rijden, zij het tergend langzaam.</p>
<p>‘Gaan we zo de hele weg rijden?’ vroeg Joost, die elke oneffenheid van de weg voelde in zijn achterwerk en zich verwonderde over de eigenschap van Russische wagens om tergend traag over de weg te kruipen en je toch door elkaar te schudden als een ijsblokje in een cocktailshaker.</p>
<p>‘We geraken er wel,’ stelde de chauffeur hem gerust, ‘dit wagentje is zo goed als nieuw, een vinnig ding … de motor moet nog wat opwarmen, maar van zodra die warm loopt, is er geen houden meer aan. De chauffeur duwde ter illustratie op de gaspedaal, maar hierdoor leek de motor te stokken.</p>
<p>Toen ze de luchthaven achter zich lieten, was het nog donker. Rechts van Joost strekten zich bossen uit, met hier en daar de witte stammen van zilverberken met plekjes sneeuw op de toppen. De baan was leeg en er was nog geen kat op de weg. Hier was hij dan, in het oneindige, angstaanjagende Rusland. Aan de linkerkant zag hij in de verte enkele houten huizen van het type dat hij kende uit documentaires, huizen van oude oma’s die ‘s winters de straat op moesten om water te halen aan de enige handbediende pomp in het dorp, maar de huizen leken hem niet echt bewoond. Hij zou er alleszins niet in willen wonen. Hij keek voor zich uit, naar de achteruitkijkspiegel van de chauffeur, waaraan een ikoontje bengelde. Hij ving een glimp op van diens gelaat, dat er nors en onuitgeslapen uitzag. Naast het gebrom van de motor en het zoemende autokacheltje leek het stil en eenzaam buiten.</p>
<p>‘Het lijkt wel of we ergens ver op de boerenbuiten zijn,’ dacht Joost, en hij trok de muts, die zijn vrouw hem voor de gelegenheid had gebreid, wat dieper over zijn oren, want zo goed werkte dat kacheltje toch niet,’ er is hier geen kat. We kunnen hier zo overvallen worden. Niemand die er iets van te weten komt, zelfs al beginnen ze te schieten … En die chauffeur &#8230; Achteraf bekeken is dat toch maar een onguur stuk vreten. Wat verbergt die niet allemaal achter zijn leren jekker of in zijn handschoenkastje? Hij is trouwens nerveus. Sinds we zijn vertrokken, heeft hij er al vijf sigaretten doorgejaagd &#8230; Waarschijnlijk is hij snel van reactie. Voor ik het weet, heb ik een mes tegen de keel.’ Joost keek nog eens angstvallig in de spiegel. ‘Die haakneus, waarom heb ik die niet eerder opgemerkt? Hebben alle terroristen hier geen haakneus?’</p>
<p>‘He, vriend,’ vroeg Joost, ‘hoe heet jij?’</p>
<p>‘Ik? Zoerab.’</p>
<p>‘Zoerab? Is dat een Tsjetsjeense naam?’</p>
<p>‘Neen, Georgisch,’ antwoordde de chauffeur.</p>
<p>‘Stalin was een Georgiër,’ schoot het Joost te binnen. ‘En, Zoerab? Is het hier niet gevaarlijk?’ vroeg hij. ‘Worden hier geen gevaarlijke streken uitgehaald?’</p>
<p>‘Neen, hoor, het is hier godzijdank rustig. Wie zou hier trouwens streken uithalen?’</p>
<p>‘Dat is goed, dat ze hier geen streken uithalen. Voor alle zekerheid heb ik altijd een electroshocker op zak, 10.000 volt. Je kan er zelfs een rund mee neerleggen,’ loog Joost.</p>
<p>Het leek maar niet licht te worden. Plots sloeg de chauffeur met zijn rammelende wagen een zijstraat in, die nog slechter was verlicht dan de toch vrij brede baan voorheen en vol gaten en kuilen zat.</p>
<p>‘Waar voert hij me nu naartoe?’ vroeg Joost zich af. ‘Eerst reed hij de hele tijd rechtdoor en nu naar links. Die kloot voert me nog ergens naartoe, naar één van die ongure slaapwijken met uitgebrande autowrakken en junkies in de ingangen van de appartementsblokken en … je hoort er vanalles over, over hoe gevaarlijk het niet is in Moskou, wat gebeurt hier niet allemaal?’</p>
<p>‘Luister,’ richtte hij zich tot de chauffeur, ‘jij zegt dat het hier niet gevaarlijk is? Spijtig … Ik hou wel van een goede knokpartij … Ik zie er natuurlijk mager uit, maar ik ben sterk als een trekpaard … Ik werd eens aangevallen door een bende jonge Marokkanen in Anderlecht toen ik ‘s nachts geld uit de muur wilde halen. Eén van hen heb ik zodanig toegetakeld dat ze meteen een lijkenwagen konden sturen. De twee andere waren gezochte criminelen, ik heb er van de politie een medaille voor gekregen. Hoe ik aan zoveel kracht kom, ik weet het zelf niet. Een kereltje als jij pak ik zo beet en ik breek je in twee als een lucifer.’</p>
<p>Zoerab keek in zijn achteruitkijkspiegel met een bleek gezicht, maakte een kruisteken en duwde de gaspedaal in tot die niet meer verder kon.</p>
<p>‘Ja vriend,’ vervolgde de geoloog, ‘met mij zoek je beter geen problemen. Ik ruk niet alleen armen en benen af van eender welke bandiet, ik laat ‘m ook nog eens achter slot en grendel steken voor de rest van zijn dagen … Ik ken hier een hoop hoge pieten, ik zit in de oliesector weet je wel, en daar hoeven ze maar aan een touwtje te trekken …	Ik ben niet de eerste de beste, ik vind oliebronnen met mijn ogen dicht, van op de bodem van de Baltische zee tot op een gletsjer in de Elbroes. Ze verzorgen me hier tot in de puntjes. Moest mij iets overkomen, dan is het een nationaal drama. Ik ben een soort Guust Hiddink, maar dan achter de schermen. Ik werk voor de toekomst van je vaderland. Elke agent op onze route is verwittigd van mijn komst … Hé! Waar voer jij me heen, man?’ vroeg Joost verschrikt.</p>
<p>‘Ziet u dat dan niet? Wij rijden door Chimki, dat is een kortere weg dan via de Leningradskoje Sjosse!’</p>
<p>‘Och ja, Chimki, kortere weg. Zal wel’, dacht Joost. ‘Ik heb me even laten gaan. Dat had ik niet moeten doen, zo mijn paniek tonen … Hij heeft al gemerkt dat ik met de schrik zit. Waarom kijkt hij plots zo vaak in zijn achteruitkijkspiegel? Die zit plannen te maken … Daarnet reed hij met moeite 50 km per uur, en nu raast hij als een gek!’</p>
<p>‘Zeg eens, Zoerab, vanwaar die haast? Rijd jij altijd zo snel?’</p>
<p>‘Ik heb u toch gezegd dat dit een vinnig bakje is. Als de motor opgewarmd is, hoef je de gaspedaal maar aan te raken om vooruit te schieten als een Mercedes.’</p>
<p>‘Je liegt, man. Ik zie dat je liegt. Ik raad je aan niet zo snel te rijden. Haal je voet van die gaspedaal … Hoor je? Haal die voet eraf!’</p>
<p>‘Waarom?’</p>
<p>‘Omdat er nog een jeep is die mij moest afhalen aan het vliegveld. Ze zijn waarschijnlijk nu onderweg. Ik heb ze gebeld voor we in de auto stapten, Ze zouden ons voordat we de stad binnenreden inhalen. Met hen zal het plezanter rijden zijn. Eén van hen is een Afghanistanveteraan. Die gaat zelfs naar bed met zijn Kalasjnikov … Waarom kijk jij de hele tijd in die achteruitkijkspiegel? Let eens op de baan! Aan mij is niks te zien … helemaal niks … buiten mijn machete misschien … Als je wil, haal ik ze boven … Kan je eens een kijkje nemen, hier …’</p>
<p>Joost deed alsof hij in zijn zakken zocht, en op dat moment gebeurde wat hij in al zijn lafheid nooit had kunnen verwachten. Met gierende banden zette Zoerab de auto aan de kant en vluchtte hij op handen en voeten de straat op. Gebukt rende hij de weg over en verdween ergens achter één van de appartementsblokken.</p>
<p>‘Help!’ riep hij. ‘Help! Pak mijn auto als je wil, maar laat mij in leven! Help!’</p>
<p>Alles was ineens stil, op het zachte gebrom van de auto na. Er was nog niemand wakker. Joost legde de motor stil en strekte even de benen op straat. Een dergelijke wending had hij niet verwacht. Hier moest hij even over nadenken.</p>
<p>‘Die onnozelaar is weggelopen … wat nu? Zelf verderrijden kan ik niet, want ik ken hier de weg niet, de politie zou mij trouwens kunnen tegenhouden en denken dat ik die wagen heb gestolen. Shit!’</p>
<p>‘Zoerab! Zoerab!’</p>
<p>‘Zoerab’ klonk de echo.</p>
<p>Alleen al de gedachte dat hij hier in deze ongure buurt nog enkele uren in de kou zou moeten zitten en luisteren naar het geblaf van de roedels hondsdolle straathonden en het gekraak van de walkie-talkie in Zoerabs wagen, bezorgde Joost kippenvel. Hij deed het bijna in zijn broek van de schrik.</p>
<p>‘Zoerabje!’ riep hij. ‘Mijn vriend! Waar ben je, Zoerabje?’</p>
<p>Een heel uur lang stond hij zo te roepen, en enkel nadat zijn stem helemaal hees was en hij zich had verzoend met de gedachte te voet naar Moskou terug te moeten keren, hoorde hij ergens niet ver weg een klaaglijke zucht.</p>
<p>‘Zoerab! Ben jij dat, mijn jongen? Komaan!’</p>
<p>‘Jij gaat me doodmaken!’</p>
<p>‘Ik heb toch gewoon een grapje gemaakt, man? Welke elektroshocker of machete kan ik nu bij hebben? Van de angst begon ik zo te liegen! Doe me een plezier. Zet je in de auto en voer me naar mijn hotel. Ik heb het koud!’</p>
<p>Zoerab, die waarschijnlijk al door had dat een echte dief er al lang met zijn auto vandoor zou zijn gegaan, kwam aarzelend vanachter een transformatorhuisje aan de overkant van de straat tevoorschijn en schreed om zich heen kijkend de auto tegemoet.</p>
<p>‘Wat is me dat nu, onnozelaar? Was jij nu bang geworden? Ik … ik maak een grapje en jij wordt er bang van? Zet je dan!’</p>
<p>‘Dat moet je me geen twee keer lappen,’ bromde Zoerab, terwijl hij de auto inkroop. ‘Had ik dat geweten, ik had je voor geen duizend dollar meegenomen. Me zo de schrik op het lijf jagen …’ Zoerab stak zijn auto in gang. De wagen begon te trillen en te rammelen. Hij zette hem nog eens in gang, en er weerklonk een gehuil. Enkel na de derde poging bleef de motor draaien en reden ze weg.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ikenmijnlada.com/wp/2010/02/04/de-hele-zwik/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
