Koersk

KOERSK

Door Klaus Gena

===============

Het werk in Sint-Niklaas stond me niet aan. De godganse dag zat ik alleen in een luxueus kantoor, omringd door zoemende computers. Eén ervan hield dag en nacht de schommelingen bij van de sojaprijzen op de beurs van Chicago. Met de andere speurde ik het internet af op zoek naar gratis pornosites en op de derde typte ik faxjes naar wijnstokers en eierboeren.

Mijn kantoor bevond zich in een appartement met drie slaapkamers op de vijfde verdieping van een gebouw uit de jaren zestig. Een deel van de vensters keken uit op het Openbaar Zwembad en er was een terrasje waar ik joints rookte. En een open haard. Ik heb nooit geprobeerd of hij werkte. Op de schoorsteen stond een houten replica van een driemaster. Mijn baas had die gekocht in de tax free shop van Tenerife, waar hij ook een kantoor had, net zoals in Madrid, want hij wilde Spaanse wijnen naar Rusland exporteren. Hij blufte dat hij tijdens zijn vorige bezoek aan Spanje meer dan honderd verschillende soorten wijn had geproefd. De parketvloer was bekleed met een zacht, cremekleurig wollen tapijt dat ik tesamen met hem had uitgekozen in Carpetland. Hij wilde dat ze het dezelfde dag nog kwamen leggen, maar dat was onmogelijk, want het was reeds laat op de avond en de bestelling kon onmogelijk nog verwerkt worden.

Mijn baas was reeds naar Rusland teruggekeerd toen de man van Carpetland aanbelde. Ik hielp hem het tapijt uit te rollen, want ik had toch niets te doen.

-2-

De tapijtman vond dat maar vreemd. Heel het kantoor leek hem een louche bedoening. Ik kon hem best begrijpen. We maakten een praatje terwijl ik de sojaprijzen afdrukte en hij het tapijt verder uitrolde. Hij was een sportvlieger en zei dat hij al naar Rusland was gevlogen. De kerosine was daar goedkoper.

Ik werkte al twee maanden op het kantoor. Op die tijd had ik het volgende gedaan. Ik had een lijst opgesteld met de grootste vismeelproducenten ter wereld (voornamelijk Chileense) en een reeks wijnhandelaars aangeschreven om te zien of ze niet geïnteresseerd waren in grote shipments naar Rusland. Mijn zoektocht naar broedeieren – mijn baas wilde er elke twee weken een heel vliegtuig van exporteren – was op niets uitgelopen: geen enkele kwekerij in de Benelux had een dergelijke capaciteit.

Tijdens zijn korte verblijven in België moest ik constant beschikbaar zijn om mijn baas te begeleiden op uitstapjes naar allerlei historische steden. Ik reed dan voorop met de firmawagen, een Alfa Romeo, terwijl hij mij volgde in zijn gloednieuwe BMW. We reden nooit sneller dan 80 kilometer per uur, ook niet op de autostrades, omdat hij zeker geen verkeersregels wilde overtreden.

Gedurende één van onze gesprekken vertelde ik hem dat ik graag in Rusland zou werken. Hij antwoordde dat dat geen enkel probleem was.

In Moskou sneeuwde het toen ik er een maand later arriveerde. Aan de luchthaven werd ik opgewacht door een boom van een kerel in een zwarte leren vest.

-3-

Hij reed met een al even zwarte Audi 80. Ik noemde hem het adres waar ik ging logeren, bij vrienden in een grijze industriewijk aan de oevers van de Moskva. Hij voerde me er naar toe en volgde me tot aan de deur van het appartement. Het was alsof hij me niet wilde laten gaan. Waarschijnlijk had hij de opdracht gekregen mij in het oog te houden tot ik op de trein naar Koersk stapte, waar het hoofdkwartier van mijn baas zich bevond.

In Koersk kwam ik aan om vijf uur ’s morgens. De hemel was wit van de dwarrelende sneeuwvlokken. Ik werd opgewacht door een chauffeur die me wegvoerde naar een motel ver buiten de stad. Ik was de enige gast in dit drie verdiepingen tellende betonnen gebouw, verborgen tussen de dennenbossen. Die morgen had ik vreselijke nachtmerries.

Het was negen uur toen ik besloot dat het een gepast uur was om op te staan. In de ontbijtzaal was gedekt voor twintig man, maar ik zat alleen. In een hoekje stond een kelner me te begluren. Voor me stond een bord met koude kalfstong in gelatine, waar ik geen hap van naar binnen kreeg.

Met een boekje in de hand nam ik plaats in de lobby om te wachten tot iemand mij zou komen ophalen. Na een uurtje wachten ging ik naar buiten. Ik rookte de ene sigaret na de andere. Overal lag sneeuw en nergens was een teken van leven te bekennen. Ze waren me vergeten.

Een dag later kreeg ik een bureau en een computer toegewezen in een illegaal kantoor dat zich bevond in een tweekamerappartement in het centrum van Koersk.

-4-

In het appartement werkten nog vier personen. Er was een meisje van een 25-tal jaar oud, de boekhoudster, die apart werkte in één van de twee kamers. De rest, drie mannen, werkte in de overblijvende kamer. Er stonden twee bureaus met op elk een computer, er stond een faxapparaat en een bruine fluwelen uitklapbare divan.

Eén van de drie heette Sergej. Met hem had ik mijn eerste sollicitatiegesprek gevoerd, in Sint-Niklaas. Hij had me toen gevraagd of ik goed kon tennissen. Ik zei ja en werd meteen aanvaard. Tennis was Jeltsins lievelingssport, en dus ook die van mijn baas. Sergej was in een vorig leven leraar Engels. Nu was hij exportspecialist.

De andere twee kerels waren ex-douaniers. De ene was rost en de andere zwart. De rosse was een Afghanistanveteraan en constant euforisch. Hij vertelde de ene grap na de andere.

Tesamen met zijn zesjarige dochtertje begeleidde hij me op een zondag naar het plaatselijke heemkundige museum. Op die dag was het ijs aan het smelten en lagen er overal plassen. Een hele zaal van het museum was gewijd aan de oorlog in Afghanistan en aan de jongens die het ginder niet hadden overleefd. Een andere zaal was gewijd aan de plaatselijke gouverneur, generaal Roetskoi, de generaal die samen met Chasboelatov in 1993 Jeltsin een poepje had laten ruiken en daarom naar Koersk werd verbannen.

Mijn zwarte collega was melancholischer dan de rosse. Hij vreesde constant voor zijn job en had last van zijn pancreas.

-5-

Hij droeg een zwart leren petje en snoot zijn neus tussen zijn vingers, net zoals een wielrenner.

Het leek me een vrolijk gezelschap, alhoewel ik de helft van hun grappen niet verstond. Er waren maar twee computers voor vier man, dus twee moesten om beurten op de sofa zitten. Ik had niks om handen en speelde hele dagen Civilisation op de computer.

Op een dag moesten ze de handtekening hebben van de directeur van Konstantin Trading, het filiaal van onze baas op de Maagdeneilanden. Ze vroegen me of ik wilde tekenen. Als buitenlander had ik immers meer ervaring met het Latijnse alfabet.

De naam van de directeur was Morris Ibson. Ze hadden dit zelf uitgedacht, zeiden ze. Het was een combinatie van namen uit detectiveromannetjes.

Ik oefende vijf minuten op een blad papier en zette mijn handtekening onder het document. Ze gaven me een tevreden schouderklopje. Nu was ik één van hen.

Ik woonde in een appartement op de vijfde verdieping van een Chroesjtsjovka. (Chroesjtsjovki zijn appartementsgebouwen van vijf verdiepingen, opgetrokken uit betonnen platen. Ze zijn allemaal gebouwd in de periode tussen de jaren vijftig en de jaren tachtig en staan verspreid over heel de voormalige Sovjetunie. Ze zien er allemaal perfect eender uit en zijn bedacht door Chroesjtsjov. Die wilde, in afwachting van de nakende komst van het communistische paradijs, de mensen in tussentijd van een woning voorzien.

-6-

Aangezien volgens zijn berekeningen het communisme maximum twintig jaar op zich zou laten wachten, zijn chroesjtsjovki niet voorzien op een exploitatie van meer dan twintig jaar. De helft van de bevolking leeft tot op de dag van vandaag in dergelijke blokken. Nu en dan stort er eentje in.)

De muren van mijn slaapkamer waren bedekt met zwarte schimmel. Ik rookte veel sigaretten. ’s Morgens at ik melk met corn flakes en en ’s avonds een bord pelmeni’s. Dat is ravioli zonder tomatensaus. Ik at pelmeni’s met mayonaise, met ketchup, met azijn, met ketchup en mayonaise, gebakken pelmeni’s

Mijn kousen en onderbroeken waste ik in het bad. Ik hing ze te drogen op het balkon. Vanop mijn balkon bestudeerde ik wat er beneden allemaal gebeurde.

Ik deed pogingen om Russisch te lezen. Op het toilet slingerde een Russische vertaling van Emanuelle rond. Het was niet zeer opwindend, want de betekenis van de helft van de woorden bleven me duister. Ze hadden me nochtans ingehuurd als vertaler.

Ergens heb ik gelezen dat het gros van de communicatie tussen twee personen niet door middel van woorden gebeurt, maar aan de hand van gebaren, gelaatsuitdrukkingen, en andere, ons niet bekende, signalen. Op dezelfde manier moet dat bij mij ook hebben gewerkt, veronderstel ik.

Tijdens mijn verblijf in Koersk moest ik twee Vlaamse pluimveespecialisten begeleiden. Eén ervan was een kennis van mij die ik hiermee een plezier dacht te doen, de andere was me onbekend.

-7-

Dit alles betekende dat ik voor twee weken moest verhuizen naar een hotelkamer in Zjeleznogorsk, de stad waar één van de kippenkwekerijen van mijn baas zich bevond. Op de boerderij woonde een miljoen kippen. Op drie kilometer van het stadscentrum lag een openlucht ijzerertsmijn. Het verhaal gaat dat het ijzererts ontdekt was door Lenin, toen die met zijn vliegtuig het gebied doorkruiste. In de cockpit was plots alle meetapparatuur tilt geslagen.

De mijn was een enorme baksteenkleurige put van enkele honderden meters diep. Er reden bulldozers in rond met mensenhoge wielen. Wanneer het regende, waren de plassen rood, net als de modder. Elke vrijdag, om twaalf uur stipt, was er een explosie. De stadsbewoners deden op dat moment hun vensters dicht, omdat de stad zodanig was gebouwd dat de wind het rode stof hun richting uitblies.

De kippenfabriek was afgebakend met prikkeldraad. Je mocht er pas binnen wanneer je een witte schort had aangetrokken en je voeten afgeveegd aan een dweil gedrenkt in formol. In de stallen waren zoveel kippen dat ze elkaar de ogen uit de kop probeerden te pikken.

In Koersk had zich tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke veldslag afgespeeld. Duizenden tanks stonden er tegenover elkaar. Deze gebeurtenissen waren in het geheugen gegrift van alle bewoners van Koersk, omdat de stad door de Duitsers volledig was verwoest.

-8-

De straten liepen er vol met oudstrijders, behangen met decoraties.

Een van de specialisten, hij was zo kaal als een knikker en zijn ogen leken uit hun kassen te springen, was de kleinzoon van een oostfronter.

Op een nacht waren we dronken. Tesamen probeerden we onze weg naar huis te vinden toen hij me vertelde hoe vreemd hij het wel vond dat hij beland was in een stad waar zijn grootvader nog in de loopgraven had gelegen.

Uit volle borst begon hij Duitse strijdliederen te zingen.

Begin mei stond ik in de gang van het hoofdkantoor aan te schuiven voor een audiëntie bij mijn baas, want ik had besloten om mijn ontslag aan te bieden. Het was welletjes geweest. Ik was enkel de vijfde in de rij, alhoewel ik vroeg was aangekomen. De bezoekers sloten met bedrukte gezichten de deur achter zich toen ze buitenkwamen. Toen ik aan de beurt was, wipte mijn hart op en neer in mijn borstkas.

Hij begroette me met een hartelijke uitroep en nodigde me uit om plaats te nemen in de groene kantoorstoel rechttegenover zijn bureau. Zelf zat hij weggezakt in zijn zetel. Van achter de schrijftafel was enkel zijn gezicht zichtbaar, even rost en sproeterig als altijd. Alles rondom ons was groen: het pistache behang, de grasgroene leren sofa en de malachieten asbakken. Mijn baas was naar de teevee aan het kijken. Hij vertelde dat hij Engels aan het studeren was, en vroeg me welke nieuwtjes ik kwam vertellen. Ik zei dat ik om familiale redenen ontslag wilde nemen.

Hij belde zijn lijfwacht Roeslan op en zei dat hij die plastic zak met geld, die bij hem thuis in de gang stond naar het kantoor moest brengen.

-9-

Roeslan was een dikke, goedzakkige kerel.

Vijftien minuten later stond ik op straat, mijn zakken gevuld met roebel- en dollarbiljetten.

Op straat was het lente. De zon scheen in mijn nek en blaadjes stonden op de bomen.

→ Andere postjes, mogelijk van interesse: Lente, Nikolai Maslov, Mijn vriend Klaas, Je zult het maar weten, Vandenb, ...

2 Reacties

Joost Brummelkamp:

Doe zo voort. Mooi.

Anders:

Mooi.
Ik ben benieuwd naar het vervolg…

Reageer

Uw email wordt nooit verspreid. Benodigde velden zijn aangeduid met *

*
*